(055) 203 21 93·support@jepensioeninzicht.nl

De drie pijlers: AOW, werkgeverspensioen en eigen voorzieningen

Het Nederlandse pensioenstelsel bestaat uit drie pijlers. Samen zorgen ze voor je inkomen na pensionering. Wat houden ze in?

In Nederland bestaat ons pensioenstelsel uit drie pijlers die samen zorgen voor je inkomen na pensionering. Deze opbouw maakt ons pensioenstelsel een van de beste ter wereld. Maar wat houden deze pijlers precies in? En hoe verhouden ze zich tot elkaar in het nieuwe pensioenstelsel? In dit artikel leggen we het je uit.

Wat zijn de drie pijlers van het Nederlandse pensioenstelsel?

Het Nederlandse pensioenstelsel bestaat uit drie delen, of 'pijlers'. Samen zorgen deze drie pijlers voor je totale pensioeninkomen. Ze vullen elkaar aan en spreiden ook het risico. Als er iets verandert in één pijler, heb je nog altijd de andere pijlers om op terug te vallen.

De drie pijlers van het Nederlandse pensioenstelsel

  • Eerste pijler: AOW (basispensioen van de overheid)
  • Tweede pijler: Werkgeverspensioen (via je werkgever)
  • Derde pijler: Eigen voorzieningen (zelf geregeld)

Laten we nu elke pijler apart bespreken om te begrijpen wat deze inhoudt en wat de rol is in het nieuwe pensioenstelsel.

Eerste pijler: AOW (basispensioen van de overheid)

De eerste pijler bestaat uit de Algemene Ouderdomswet (AOW). Dit is het basispensioen dat je krijgt van de Nederlandse overheid. Iedereen die in Nederland woont of werkt, bouwt automatisch AOW op. Voor elk jaar dat je in Nederland woont of werkt tussen je 15e en je AOW-leeftijd, bouw je 2% AOW-rechten op. Als je 50 jaar in Nederland hebt gewoond, heb je recht op een volledige AOW-uitkering.

Belangrijke kenmerken van de AOW:

  • De AOW is een basisinkomen dat voor iedereen geldt, ongeacht of je hebt gewerkt of niet.
  • De hoogte van de AOW hangt af van je woonsituatie (alleenstaand of samenwonend).
  • De AOW gaat in op je AOW-leeftijd. Deze leeftijd stijgt de komende jaren omdat we gemiddeld steeds ouder worden.
  • De AOW wordt betaald uit premies die werkenden betalen via de belastingen (omslagstelsel).

De AOW verandert niet door de invoering van het nieuwe pensioenstelsel. Wel stijgt de AOW-leeftijd de komende jaren verder. Tot en met 2027 is de AOW-leeftijd 67 jaar. Daarna wordt de AOW-leeftijd gekoppeld aan de levensverwachting.

Tweede pijler: Werkgeverspensioen

De tweede pijler bestaat uit het pensioen dat je opbouwt via je werkgever. Dit wordt ook wel het aanvullend pensioen genoemd. Veel werkgevers in Nederland bieden een pensioenregeling aan voor hun werknemers. Vaak is dit geregeld via een cao of arbeidsvoorwaarden.

Bij deze tweede pijler legt zowel de werkgever als de werknemer geld in. De werkgever betaalt meestal het grootste deel (ongeveer twee derde). Het geld wordt beheerd door een pensioenfonds of verzekeraar, die het voor je belegt. Door de opbrengst van die beleggingen groeit je pensioen.

De tweede pijler verandert wel door het nieuwe pensioenstelsel. De belangrijkste veranderingen zijn:

  • Van uitkeringsovereenkomst naar premieregeling: In het nieuwe stelsel staat de premie centraal, niet de uitkering.
  • Meer transparantie: Je kunt straks beter zien hoeveel geld er voor jouw pensioen is ingelegd.
  • Meer beweging in de uitkering: Je pensioen beweegt meer mee met de economie.
  • Verschillende contractvormen: Er komen twee contractvormen in het nieuwe stelsel: de solidaire premieregeling en de flexibele premieregeling.

Niet iedereen heeft een werkgeverspensioen. Bijvoorbeeld als je als zelfstandige werkt, of als je werkgever geen pensioenregeling aanbiedt. In dat geval moet je extra aandacht besteden aan de derde pijler.

Derde pijler: Eigen voorzieningen

De derde pijler bestaat uit pensioenvoorzieningen die je zelf regelt. Dit is een vrijwillige aanvulling op de eerste twee pijlers. Je kunt hierbij denken aan:

  • Lijfrentes: Een vorm van sparen of beleggen voor je pensioen, vaak via een bank of verzekeraar.
  • Banksparen: Een geblokkeerde spaarrekening waarop je geld stort voor je pensioen.
  • Zelf beleggen voor je oude dag.
  • Een eigen woning (hypotheekvrij) als pensioenvoorziening.
  • Andere vormen van vermogensopbouw.

De derde pijler is vooral belangrijk voor mensen die geen of weinig pensioen opbouwen in de tweede pijler. Bijvoorbeeld zelfstandigen, mensen met een onvolledige loopbaan, of mensen met een pensioengat. Maar ook als je wel een goed werkgeverspensioen hebt, kan de derde pijler een waardevolle aanvulling zijn.

In de derde pijler heb je veel vrijheid om te kiezen hoe je je pensioen wilt regelen. Je bepaalt zelf hoeveel geld je opzij zet en hoe je dat belegt of spaart. Daar staat tegenover dat je ook zelf het risico draagt.

"Als ZZP'er moet ik mijn pensioen volledig zelf regelen. Ik heb gekozen voor een mix van banksparen, beleggen en aflossen op mijn hypotheek. De pensioencursus die ik heb gevolgd heeft me geholpen om deze keuzes te maken."
— Annemarie (48), zelfstandig fotograaf

De derde pijler verandert niet direct door het nieuwe pensioenstelsel. Wel kan de behoefte aan aanvullende voorzieningen toenemen, omdat de uitkering uit de tweede pijler in de toekomst meer kan schommelen.

Hoe verhouden de drie pijlers zich tot elkaar?

De verhouding tussen de drie pijlers verschilt per persoon. Dit hangt af van je werkgeschiedenis, je inkomen, of je zelfstandig hebt gewerkt en hoe lang je in Nederland hebt gewoond.

Als vuistregel geldt dat mensen met een modaal inkomen die hun hele werkende leven in loondienst zijn, ongeveer de helft van hun pensioen uit de eerste pijler (AOW) halen en de andere helft uit de tweede pijler (werkgeverspensioen). Bij hogere inkomens wordt de tweede pijler relatief belangrijker.

Waarom is het belangrijk om alle pijlers te bekijken?

Om te weten of je voldoende pensioen hebt opgebouwd, is het belangrijk om naar alle drie de pijlers samen te kijken. Je totale pensioeninkomen bestaat immers uit de optelsom van deze pijlers.

Door alle pijlers in kaart te brengen, kun je bepalen of je een pensioengat hebt. Als dat zo is, kun je maatregelen nemen om dat gat te dichten.

Hoe check je wat je in elke pijler hebt opgebouwd?

Drie stappen om je pensioen in kaart te brengen

  1. Eerste pijler (AOW). Kijk op svb.nl om te zien wanneer je AOW ingaat en hoeveel je kunt verwachten.
  2. Tweede pijler (werkgeverspensioen). Check op mijnpensioenoverzicht.nl hoeveel pensioen je hebt opgebouwd via je werkgever(s).
  3. Derde pijler (eigen voorzieningen). Maak een overzicht van je lijfrentes, bankspaarrekeningen, beleggingen en andere vermogensbestanddelen.

Door deze informatie te combineren, krijg je een compleet beeld van je verwachte pensioeninkomen.

de 3 pijlers

Tips voor een goed pensioen in drie pijlers

Voor de eerste pijler (AOW):

  • Controleer of je AOW-opbouw volledig is, vooral als je in het buitenland hebt gewoond of gewerkt.
  • Weet wanneer je AOW-leeftijd is en houd rekening met mogelijke verdere verhogingen.

Voor de tweede pijler (werkgeverspensioen):

  • Check regelmatig je pensioenopbouw bij je huidige werkgever.
  • Let bij het wisselen van baan op de pensioenregeling van je nieuwe werkgever.
  • Overweeg om pensioen dat je bij verschillende werkgevers hebt opgebouwd, samen te voegen (waardeoverdracht).
  • Blijf op de hoogte van veranderingen door het nieuwe pensioenstelsel.

Voor de derde pijler (eigen voorzieningen):

  • Begin zo vroeg mogelijk met sparen of beleggen voor je pensioen.
  • Maak gebruik van fiscale voordelen, zoals de aftrekbaarheid van lijfrentepremies.
  • Denk aan je huis als pensioenvoorziening, bijvoorbeeld door af te lossen op je hypotheek.
  • Laat je adviseren door een financieel adviseur als je zelf weinig kennis hebt van beleggen.

Een stevig fundament voor je pensioen

Het Nederlandse pensioenstelsel met zijn drie pijlers biedt een stevig fundament voor je inkomen na pensionering. Door alle drie de pijlers in samenhang te bekijken, krijg je een volledig beeld van je toekomstige pensioeninkomen.

Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen over de drie pijlers

  • Wat is het verschil tussen de eerste, tweede en derde pijler? De eerste pijler is de AOW (basispensioen van de overheid). De tweede pijler is het werkgeverspensioen. De derde pijler bestaat uit eigen voorzieningen zoals lijfrentes en banksparen.
  • Verandert het nieuwe pensioenstelsel alle drie de pijlers? Nee, vooral de tweede pijler verandert. De AOW blijft grotendeels hetzelfde. De derde pijler verandert niet direct, maar kan wel belangrijker worden als aanvulling.
  • Hoe kan ik controleren hoeveel pensioen ik in elke pijler heb opgebouwd? Voor de AOW: svb.nl. Voor werkgeverspensioen: mijnpensioenoverzicht.nl met je DigiD. Voor eigen voorzieningen: maak zelf een overzicht van je lijfrentes, bankspaar en beleggingen.
Breng je drie pijlers in kaart

Ontdek welke pensioencursus bij jou past

Een PiZ-cursus helpt je om alle aspecten van je pensioen te begrijpen en je goed voor te bereiden.